Nieuwsbericht Standpunt college over de ontsluiting van Bedum

Gepubliceerd op: 15 april 2013

In nauwe samenwerking  met de gemeenteraad is in de afgelopen jaren eensgezind gepleit voor een andere vorm van ontsluiting van Bedum. Doel was de centra van de kernen Onderdendam en Bedum te ontlasten van zwaar vrachtverkeer; verkeer dat voor een belangrijk deel gerelateerd is aan de Bedumer vestiging van FrieslandCampina. Daarnaast zijn besprekingen gevoerd over toekomst en omvang van de melkverwerkende industrie in Bedum.

De gesprekken over de toekomst van de FrieslandCampina-Domo-vestiging in Bedum hebben geleid tot de principe-bereidheid van provincie en gemeente om – onder voorbehoud van instemming van raad en de staten - een eventuele uitbreiding planologisch mogelijk te maken. 

De samenwerking tussen gemeente en provincie rond de verbetering van de ontsluiting van Bedum heeft geresulteerd in het agenderen van die kwestie in het zeer onlangs aangepaste collegeprogramma van Gedeputeerde Staten.

De alternatieve ontsluiting krijgt de aandacht die het verdient

Het feit dat de problematiek rond de alternatieve ontsluiting van Bedum van de zijde van de provincie nu die aandacht krijgt die het verdient, stemt het college tot grote tevredenheid. Datzelfde geldt voor de huidige investering van 105 miljoen euro die FrieslandCampina in de bestaande Bedumer vestiging doet en een eventuele uitbreiding van de productiecapaciteit in de toekomst.  

Het college van Bedum heeft voor wat betreft verbetering van de ontsluiting een voorkeur  voor een westelijke variant die ook “Stad en Wad beter met elkaar verbindt”. Daarom sloot Bedum zich eerder aan bij het initiatief dat samen met De Marne en Winsum is genomen.  

Het tracé voor een oostelijke ontsluiting is vastgelegd in het structuurplan voor Bedum dat in 2006 werd vastgesteld. Dat loopt van de FrieslandCampina-vestiging in Bedum noordelijk van het spoor en oostelijk van de wijk Ter Laan 4 naar de St. Annerweg/Eemshavenweg.

Verbetering ontsluiting nu nog urgenter

Zeker in het licht van de huidige investeringen in de Bedumer vestiging en een eventuele verdere uitbreiding van de productiecapaciteit en een daarmee samenhangende toename van verkeersbewegingen wordt verbetering van de ontsluiting nog urgenter geacht. Het Bedumer college stelt vast dat die urgentie nu ook door het provinciaal bestuur wordt erkend.  

Het college heeft de plannen van het provinciebestuur nog niet ontvangen en moet zich dus baseren op berichten van provinciewege in de media. Daarin valt ook het voornemen tot een kortsluitende verbinding tussen het kruispunt Ranum en de rotonde op de Onderdendamsterweg. Hoewel uit verkeerskundige modelberekeningen blijkt dat een dergelijke kortsluiting niet leidt tot meer verkeer door Onderdendam, zal dit voor het college een belangrijk aandachtspunt zijn bij de beoordeling van de provinciale plannen. Het college is daarvan nog niet overtuigd.

Communicatie voortijdig

Het college constateert tot slot dat de communicatie rond de beide projecten voortijdig is en  op gespannen voet staat met de afspraken die met het provinciaal bestuur en de directie van FrieslandCampina zijn gemaakt over actieve, tijdige en gezamenlijke informatievoorziening aan raadsleden en de leden van Provinciale Staten. Dit wordt betreurd.